Uitvoerder van het kunsten- en cultureel-erfgoedbeleid van de Vlaamse Regering

Verdrag van Den Haag 1954 – bescherming cultuurgoederen in oorlogstijd

Het Verdrag van Den Haag en zijn protocollen beschermen  cultuurgoederen bij gewapend conflict. Dit Verdrag biedt bescherming tegen:

  • de beschadiging, plundering en wederrechtelijke inbeslagname van cultuurgoederen die een prominente plaats innemen in het cultureel erfgoed van een volk
  • het gaat daarbij zowel om roerend als om onroerend erfgoed
  • ook locaties die het collectieve geheugen en bewustzijn van de cultuur proberen te bevorderen of te behouden vallen onder dit Verdrag.


Het Verdrag en Eerste protocol

Het Verdrag en het Eerste protocol (1954), door België geratificeerd in 1960, voorzien in de opstelling van nationale registers van beschermd erfgoed tijdens oorlog. Dit wordt met een blauw-wit schildje aangeduid. Dit erfgoed mag niet gebruikt worden voor militaire doeleinden en moet door de strijdende partijen ontzien worden.

Een dergelijke register werd voor België nog niet samengesteld. Het Verdrag voorziet ook in een bijzondere bescherming voor geregistreerde  bergingsplaatsen voor erfgoed. Het Verdrag verbiedt de strijdende partijen om cultuurgoederen te ontvreemden en verplicht hen tot teruggave van ontvreemde cultuurgoederen.


Het Tweede Protocol

Het Tweede Protocol (1999) kwam er om enkele onvolkomenheden van het Verdrag en het Eerste protocol bij te schaven. Dit Tweede Protocol werd door België geratificeerd in 2010. Het aanvullende protocol verstrakt de definiëring van een aantal begrippen (bijvoorbeeld de notie ‘dwingende militaire noodzaak’) en breidt het toepassingsgebied van het Verdrag uit tot interne  conflicten.

Het Protocol voorziet ook in enkele praktische maatregelen die de opvolging van het Verdrag en de beide protocollen stimuleren. Zo werd een Comité voor de bescherming van cultuurgoederen in tijden van gewapend conflict in het leven geroepen. België maakt sinds 2012 deel uit van dit Comité (tot en met 2015).

Een bijkomende vernieuwing van het Tweede Protocol is de invoering van het register van cultuurgoederen met een versterkte bescherming in tijden van gewapend conflict.  Het Comité voor de bescherming van cultuurgoederen in geval van gewapend conflict besloot op haar zitting van 18 en 19 december 2013 om drie Belgische erfgoedsites op te nemen in het register van cultuurgoederen met een versterkte bescherming. Het gaat om:

  • het huis en atelier van Victor Horta (Brussel)
  • de neolitische vuursteenmijnen van Spiennes (Wallonië)
    • het complex-huis-museum Plantin-Moretus in Antwerpen (Vlaanderen).

De Plantin-Moretus-site werd door Vlaanderen voorgedragen omwille van de unieke samenhang die deze site biedt tussen het daar bewaarde onroerend én roerend erfgoed.

Voor België wordt de toepassing en uitvoering van het verdrag van Den Haag en zijn protocollen gecoördineerd door de Werkgroep Cultuurgoederen dat (onder auspiciën van het Belgische Interministeriële Comité voor het Humanitair Recht)  alle betrokken overheden en actoren groepeert.