Uitvoerder van het kunsten- en cultureel-erfgoedbeleid van de Vlaamse Regering

Nieuws

Publicatie rapport: Naar een veerkrachtig Vlaams Orkestenlandschap

04.03.2016

In de strategische visienota Kunsten van april 2015 gaf Vlaams minister van Cultuur Sven Gatz aan dat meer samenwerking en betere afstemming een cruciaal aandachtspunt is binnen zijn beleid. Daarbij focuste hij onder andere op een krachtenbundeling bij de drie kunstinstellingen met een orkest.

Sven Gatz: “Ook wat de drie grote orkesten deFilharmonie, Brussels Philharmonic en het orkest van Kunsthuis en de twee koren het Vlaams Radiokoor en het koor van Kunsthuis betreft, is er al vele jaren sprake van een bundeling van de krachten. Ik wil mij ten volle inzetten om deze nu ook daadwerkelijk te realiseren.”

Om de mogelijkheden van een verregaande samenwerking tussen de orkesten in kaart te brengen werd in de afgelopen vijf maanden een uitvoerig onderzoek gevoerd door Koen Vandyck en Philippe Vandenbroeck. Dit gebeurde in nauw overleg met de betrokken kunstinstellingen. Het onderzoeksteam vertrok hierbij van een wit blad papier waarbij geen mogelijke scenario’s a priori werden uitgesloten.

Het eindrapport Naar een veerkrachtig Vlaams Orkestenlandschap (pdf) vertrekt van een grondige analyse van de werking van een symfonisch orkest, de maatschappelijke context waarin het opereert en de uitdagingen waarmee het wordt geconfronteerd. Vertrekkend van deze analyse wordt dan een positief, toekomstgericht perspectief uitgezet waarbij op basis van een aantal hefbomen wordt aangegeven  welk samenwerkingsscenario volgens de onderzoekers kan leiden tot een zo kwalitatief en performant mogelijk orkestlandschap.

In de loop van het voorjaar 2016 zal de minister op basis van het gevoerde onderzoek, samen met de betrokken kunstinstellingen en de administratie, verder bespreken hoe een verregaande samenwerking tussen de verschillende orkesten het best vorm kan gegeven worden. Het streefdoel is hierbij om de afspraken hierrond te verankeren in de beheersovereenkomsten die met deze kunstinstellingen zullen worden afgesloten voor de periode 2017-2021.

De minister dankt alle betrokkenen, en met name de kunstinstellingen zelf, voor hun gewaardeerde bijdrage aan het onderzoek en het onderzoeksteam voor hun enorme inzet tijdens het onderzoeksproces en voor het afleveren van een goed onderbouwd eindrapport.