Uitvoerder van het kunsten- en cultureel-erfgoedbeleid van de Vlaamse Regering

Nieuws

Wijziging Kunstendecreet

31.03.2015

Op 26 maart werd in de commissie Cultuur van het Vlaams Parlement een voorstel tot wijziging van het Kunstendecreet goedgekeurd.

Deze wijziging betreft voornamelijk het verbeteren van een aantal onnauwkeurigheden die in de tekst van het Kunstendecreet waren geslopen.  Daarnaast wordt het verhaalrecht aangepast.


Aanpassing van het verhaalrecht

Wat is het verhaalrecht?

Het verhaalrecht is alleen van toepassing bij de werkingssubsidies en de ondersteunende organisaties. Het nieuwe Kunstendecreet voorzag de mogelijkheid om verhaal in te dienen wat tot gevolg kon hebben dat indien ontvankelijk, een tweede commissie ( eveneens samengesteld uit de pool van beoordelaars) een tweede, gelijkwaardig advies over de aanvraag zou opmaken.

Het verhaalrecht dat voorzien werd, bleef niet beperkt blijft tot negatief beoordeelde aanvragen, maar kon  ook in geval van een positief advies aangewend kan worden. 


Waarom moet het verhaalrecht aangepast worden?

Aangezien het verhaalrecht niet beperkt blijft tot de negatief beoordeelde aanvragen maar ook voor een positief advies aangewend kon worden, zou een aanvrager die een positief advies heeft gekregen als enige reactiemogelijkheid het indienen van een verhaal hebben, wat onmiddellijk een volledig nieuwe beoordeling door een andere commissies met zich mee kon brengen.

De voorgestelde aanpassing aan het verhaalrecht gebeurt ook met als doel de adviesprocedure zo efficiënt mogelijk te organiseren. Een verhaalrecht dat bij alle types adviezen aangewend kan worden, zal de doorlooptijd van de procedure immers aanzienlijk verlengen.


Wat houdt de aanpassing in?

Om tegemoet te komen aan de bezwaren en toch het principe van verhaal te behouden, wordt het verhaal enkel bij negatief advies mogelijk (zowel zakelijk als artistiek). Voor positieve adviezen wordt het zogenaamde repliekrecht terug ingevoerd.

Op die manier kan de verhaalcommissie haar rol ten gronde spelen bij negatief geadviseerde aanvragen en nauwgezet nagaan of een tweede beoordeling door een nieuwe commissie aangewezen is. Ook wordt de adviesprocedure voor de meerderheid van de aanvragen minder zwaar, aangezien de verhaalcommissie een beperkter aantal dossiers zal behandelen.

Voor de aanvragen die een positief advies ontvangen, maar toch wensen te reageren op het advies, zal het repliekrecht gehanteerd worden. Dit systeem stond al in het oude Kunstendecreet ingeschreven en wordt licht aangepast. In het geval een aanvrager het repliekrecht aanwendt, zal de commissie die de aanvraag heeft behandeld worden uitgebreid met een bijkomend lid dat niet betrokken was bij het initieel uitgebrachte positieve advies.


Aanpassingen van onnauwkeurigheden

Daarnaast zullen naast een aantal onnauwkeurigheden volgende elementen door de wijziging van decreet worden aangepast:

  • Eind 2016 loopt de culturele verantwoordelijkheid provincies af. Met de wijziging van decreet worden alle verwijzingen naar de provincies worden geschrapt.
  • In het nieuwe Kunstendecreet was niet meer voorzien dat een kunstenaar een rechtspersoon kon aanduiden om een aan de kunstenaar toegewezen subsidie te beheren.  Dit wordt terug opgenomen.
  • Door de voorwaarde ‘drie jaar professioneel actief zijn’ werd in het nieuwe Kunstendecreet het aantal jaren dat een rechtspersoon bestaat belangrijker dan de ervaring van de initiatiefnemers. Door de herformulering van het artikel wordt opnieuw aangeleund bij de initiële doelstelling van decreetsbepaling. Het gaat dus niet over het juridisch statuut van de rechtspersoon die aanvraagt maar over het merendeel van de betrokken initiatiefnemers die moeten kunnen aantonen dat zij reeds over drie jaar professionele activiteit in de kunstensector beschikken.


Timing

Het voorstel zal wellicht nog voor het zomerreces behandeld worden door de plenaire vergadering van het Vlaams Parlement.

 

Meer info

Parlementair dossier