Uitvoerder van het kunsten- en cultureel-erfgoedbeleid van de Vlaamse Regering

Strategische visienota

Wat is de strategische visienota?

In de strategische visienota (PDF) legt de minister van Cultuur zijn visie vast op het beleidskader voor de Kunsten, in uitvoering van het Kunstendecreet van 13 december 2013.

Op 1 april 2015 stelde minister Gatz deze visienota Kunsten voor aan de Commissie Cultuur van het Vlaams Parlement. Deze nota is een verdere uitwerking van de beleidsnota Cultuur, houdt rekening met de beleidslijnen van het Regeerakkoord en verenigt de stemmen van zowel sector als overheid.

De visienota bepaalt de beleidsprioriteiten en -instrumenten van de minister, en biedt een richtinggevend kader voor de beoordeling van subsidievragen. In de visienota wordt aangegeven wat de prioriteiten zijn, de aandachtspunten voor de uitvoering van het decreet of aanzetten voor nieuw beleid en te onderzoeken pistes.

Wat is de basis voor de strategische visienota?

Er werden teksten aan de minister bezorgd om de strategische visienota te voeden. In het decreet stonden alvast de landschapstekening van het steunpunt en de bijdragen van de lokale overheden ingeschreven. 


Landschapstekening

Voor de opmaak van de visienota werd een beroep gedaan op een landschapstekening van het Kunstensteunpunt. Deze landschapstekening gaf weer hoe het kunstenlandschap er op dat moment uitzag.  

Bij de opmaak van deze landschapstekening betrok het Kunstensteunpunt:

De eerste landschapstekening beperkte zich niet tot het kunstenveld dat gesubsidieerd wordt op basis van het Kunstendecreet. Ook raakvlakken met andere sectoren kwamen aan bod. Bijvoorbeeld: 

  • de ontwikkelingen binnen de creatieve culturele sectoren
  • de letteren
  • het audiovisuele kunstenveld
  • het lokaal cultuurbeleid
  • het onderwijs, … 

De landschapstekening van het Kunstensteunpunt werd op 1 september 2014 voorgelegd aan de minister.


Bijdrage lokale overheden

Ook de lokale overheden konden input geven aan de minister van Cultuur voor de opmaak van de strategische visienota. De manier waarop deze bijdrage werd aangeleverd, werd vastgelegd in een protocol. In dit protocol stond meer dan alleen de bijdrage aan de visienota. Onder andere afspraken over de beheersovereenkomsten met de kunstinstellingen en over beleidsoverleg tussen de verschillende overheden werden hierin opgenomen. 

Het protocol werd gesloten tussen:

  • de Vlaamse overheid
  • de VGC (Vlaamse Gemeenschapscommissie bevoegd voor Brussel)
  • de representatieve organisaties van de Vlaamse steden, gemeenten en provincies. Deze representatieve organisaties zijn:
    • de VVSG (Vlaamse Vereniging voor steden en gemeenten) 
    • de VVP (Vlaamse Vereniging voor Provincies). 

Het doel van het protocol was om samenwerking en overleg tussen de Vlaamse en de lokale overheden te stimuleren. Het was een uiting van het engagement van de diverse overheden om samen een complementair kunstenbeleid uit te bouwen. 

Het protocol is een ‘gentleman’s agreement’ tussen de verschillende bestuursniveaus.  

Meer informatie over het protocol.


Dialoog met kunstensector

Zoals vermeld in zijn beleidsnota 2014-2019, is de minister voor de opmaak van de visienota ook in gesprek gegaan met de kunstensector. Daartoe zijn in het najaar van 2014 vijf focusgroepen samengesteld uit belanghebbenden uit het veld.

De gespreksthema’s van de focusgroepen waren gebaseerd op de prioriteiten in de beleidsnota van minister Gatz. Het gaat om de thema’s:

  • internationaal kunstenbeleid
  • individuele kunstenaars
  • publieksverbreding
  • diversiteit
  • grote instellingen.

Het doel van deze focusgroepen was om informatie en inzicht te krijgen over de verschillende noden, opvattingen, verwachtingen en bezorgdheden per thema. Per focusgroep is een rapport opgemaakt en aan de minister overhandigd. Waar mogelijk heeft hij hiermee rekening gehouden bij de verdere ontwikkeling van zijn visienota.